1943 en 1944. Nog meer regels en voedselschaarste

Zondag 7 februari 1943 nam. 2 uur

Er zijn kennelijk weer nieuwe regels met betrekking tot registratie. Er wordt in de notulen van Klein Dantzig melding gemaakt van registratie via formulieren op het stadhuis.

Het steunfonds voor de tuinders in Rotterdam wordt opgeheven en er wordt voorgesteld een bewakingsploeg in te stellen tegen een vergoeding van fl 0,75 per avond:

Voorzitter wijst erop dat bewaking zeer noodzakelijk is, gezien de moeilijke voedselpositie. Dhr S. wil de slootkant afzetten met een plank, zodat men niet van het land op den tuin kan springen. Dhr H. zegt dat zoo’n plank juist genomen wordt om over de sloot te komen. Voorz. zegt toe te zullen doen wat in onze macht is. De tuinders moeten zelf meewerken en vreemden naar hun bewijs vragen, Dhr. T zegt: de schuld ligt vaak bij de leden, die niet-leden op den tuin halen. Dhr. P zegt dat door verzuim van de verplichte poortwacht fl 38,55 boete is betaald. Hij noemt dit iets hopeloos.

(Volgt discussie over de hoogte van de boete en of royement een optie is; discussie of laanwacht in eigen vak of in andere vakken moeten lopen; discussie of ’s ochtends van 5 tot 8 ook wacht gelopen moet worden. )

Voorz. wil de oudjes iets vroeger laten weggaan. Voor het bestuur zullen “Ausweise” gevraagd worden om controle uit te oefenen.

Op 27 september van dat jaar 1943 geeft het Illegale Parool op pagina 5, rechter kolom bovenaan, een beschrijving van gaskamers in o.a. Auschwitz, waarin wel 1000 mensen tegelijk worden vermoord.

Weer een nieuw oorlogsjaar.

26 februari 1944,  jaarvergadering Klein Dantzig 

Namens het bestuur heet Voorzitter dhr Postma allen hartelijk welkom, in ’t bijzonder dhr Disseldorp als gedelegeerde hoofdbestuur. In zijn openingsrede zegt Voorz dat er weer een oorlogsjaar is voorbijgegaan, een jaar van veel droefenis, waarin ontzaglijke hoeveelheden materiaal vernietigd zijn. De schade is in een menschenleven niet te herstellen. Te verwachten is dat stukken grond onder water gezet worden. Wij mogen ons gelukkig achten dat Klein Dantzig nog in tact is gebleven in tegenstelling tot sommige zusterafdeelingen waar na jarenlang ploeteren, alles met den grond is gelijk gemaakt. De grond mag wel bebouwd worden, voor velen is het te weinig bemoedigend om door te gaan en vele leden van de getroffen tuingroepen bedankten, vooral de oudere leden. Over Klein Dantzig is nog niets bekend. Voorz is echter optimistisch gestemd en wekt op goeden moed te houden. Op de tuingroep zijn in 1943 geen geweldige dingen gebeurd. De Inkoop- en de Bouw-Commissie hadden een moeilijk jaar. Voor de eerste was het moeilijk aan de spullen te komen. De tuinders mopperen wel eens, er is echter heel wat gedaan in het belang van de tuinders. Het is niet prettig om op deze manier te werken. De Bouw-Commissie heeft gedaan wat ze doen kon. Er is heel wat meer de hand mee gelicht dan in andere jaren. Wat afgebroken moest worden is echter gebeurd. Het Revuegezelschap heeft de werkzaamheden geheel stopgezet.

Het complex is zo goed als vrij van loodglans door het doortastend optreden van deze (beplantings) Commissie. Voorz hoopt dat deze gevaarlijke ziekte zoo onder de knie kan worden gehouden. In het afgeloopen jaar hebben we niet alle leden bij elkaar kunnen houden. Eenigen hebben wij door overlijden moeten afstaan. Voorz. verzoekt de aanwezigen te hunner nagedachtenis te gaan staan en hen te herdenken.

Mededeelingen Voorz. zegt: wij Nederlanders hebben in den regel tegen 1 ding zeer groote grief, namelijk tegen belasting betalen, waarna hij de brief betreffende grondbelasting voorleest, waaruit blijkt dat de afdeeling totaal

fl 193,66 moet betalen, waarvan fl 179,74 ten laste van de leden. Voorz. zegt nooit gedacht te hebben dat deze belasting er door zou komen. Er is nog een verzoekschrift onderweg aan den Prov. Commissaris om vrijstelling. Wij dienen dus nog even af te wachten, te zijner tijd komt de beslissing.

Hier dus openlijk kritiek op een aangekondigde maatregel.